In 1965 bestond het bedrijf van oprichter Jan Nooitgedagt (1840-1920)
100 jaar en mocht het zich 'koninklijk' noemen. Dat in dat zelfde jaar
de productie van schaatsen werd beëindigd mag best navrant worden
genoemd. Het ging met Nooitgedagt zoals met de meeste Friese
schaatsenmakers: het waren van huis uit houtbewerkers, die te lang
bleven vasthouden aan het maken van houten schaatsen. Ze stapten niet
van harte over op de productie van metalen schaatsen en verloren de slag
met de opkomende industrie in wat lagelonenlanden worden genoemd.
Zoals de meeste Friese schaatsenmakers was Jan Nooitgedagt (1840-1920)
van huis uit timmerman. In 1865 begint hij in zijn geboorteplaats IJlst voor zichzelf. Hij maakt
allerlei halffabricaten als schaafblokken, borstelblokken en ook
schaatshouten die door anderen worden voorzien van beitels,
schaatsijzers en 'haren'. Langzaam maar zeker ontstaat er naast het
timmerbedrijf ook een metaalbedrijf en rond 1880 doet de mechanisatie
zijn intrede. Er worden steeds meer complete eigen producten geleverd.
Tussen 1880 en 1890 komen ook zijn zoons in de zaak en ieder krijgt een
eigen 'afdeling' toegewezen. De zaken gaan voorspoedig en nadat de
werkplaats een paar maal is vergroot, wordt in 1898 achter de bestaande
bebouwing een nieuwe hal neergezet. Er werken dan circa 50 personen. In 1902 treedt Jan terug en
gaan vader en zonen een vennootschap aan onder de naam
Firma J. Nooitgedagt & Zonen.
| |
 |
|
Jans zonen Jarig (1866-1942), Aldert (1871-1929), Tijmen (1873-1957) en
Jentje (1878-1935) hebben innovatieve geesten en krijgen van hun vader
alle ruimte om elders nieuwe ideeën op te doen en in het eigen bedrijf
te introduceren. Zo gaan ze naar Duitsland waar ze kennismaken met
machinaal smeden, naar Frankrijk waar ze iets over rubberbewerking
oppikken, naar Engeland om het maken van gereedschappen onder de knie te
krijgen, naar Zweden om over de staalfabricage te worden geïnformeerd en
naar de USA om meer te weten te komen over nieuwe bewerkingstechnieken.
Dit alles leidt ertoe dat zich binnen het bedrijf enerzijds een
houtafdeling en anderzijds een metaalafdeling ontwikkelt. De
hoofdproducten zijn houtbewerkingsgereedschappen zoals werktafels,
houten hamers, spanschroeven, schaaf- en steekbeitels. Daarnaast worden
er schaatsen gemaakt, een seizoengevoelig bijproduct dat het hele jaar
door op voorraad wordt gelegd en slechts 's winters te gelde kan worden
gemaakt. Maar waaraan Nooitgedagt wel zijn algemene bekendheid dankt.
In 1914 wordt een drastisch besluit genomen. Alles gaat tegen de grond
en er komt een nieuw fabrieksgebouw voor het inmiddels tot 150 personen
aangegroeide personeelsbestand. De Eerste Wereldoorlog gooit echter roet
in het eten en heeft een desastreus gevolg. Mede door gebrek aan staal
lopen de activiteiten terug en moet het personeelsbestand worden
ingekrompen tot circa 60 man.
Vanaf 1925 treedt de derde generatie Nooitgedagt aan. Dan nemen de
kleinzonen Jan Jarigs (1893-1945) en Jan Alderts
(1897-1982) de directie
over. Na het overlijden van Jan Jarigs voert hij tot 1960 de directie
alleen. Dan treedt hij terug en gaat de directie over op Tjitte Jentjes
(1917-1988), die in 1942 in dienst was getreden en Jarig Jans (1922),
die sinds 1950 bij het bedrijf werkt. Zij maken er in 1961 een naamloze
vennootschap van onder de naam J. Nooitgedagt & Zonen IJlst N.V. In 1962
treedt ook Aldert Jans (1926) tot de directie toe. Rond 1970 komt de
vierde generatie in de directie in de persoon van 'aangetrouwde
achterkleinzoon' Wybrand Jan Attema.
Omdat er steeds meer belangstelling komt voor metalen schaatsen en
Nooitgedagt ze zelf niet kan maken, importeert het bedrijf ze in de
dertiger jaren in eerste instantie uit
Duitsland en Zweden. Na enige tijd wordt alsnog besloten een eigen productie
van metalen noren en kunstschaatsen op
te zetten. Ze worden verkocht met respectievelijk modelnamen als 'Elfstedenschaats'
en 'Winterbloem'. Maar een doorslaand succes wordt het
niet. Mogelijk mede als gevolg van de economische crisis die dan woedt.
Om het bedrijf draaiende te houden wordt teruggegrepen op het oude
houtbewerkersambacht en een productielijn voor
houten speelgoed opgezet.
Nadat Dirk Ruiter is overleden, neemt Nooitgedagt in 1940 de
Bolswarder Schaatsenfabriek over. Het bedrijf is dan zowel in IJlst als
in Bolsward gevestigd. Gedurende de Tweede Wereldoorlog komt de productie
echter opnieuw vrijwel stil te liggen. De
bezetter eist alles wat maar metaal bevat op en slechts met kunst- en
vliegwerk weet men de voorraden gerede schaatsen voor confiscatie veilig
te stellen.
Al spoedig na de oorlog gaat het met de houten schaatsen bergafwaarts.
De economie
trekt
aan, de lonen gaan omhoog, maar arbeidsintensieve productieprocessen
verdwijnen uit Nederland. Schaatsen komen steeds vaker uit minder
ontwikkelde landen tegen concurrerende prijzen. De metalen noren,
hockey- en kunstschaatsen beginnen aan hun opmars. Nooitgedagt doet nog een laatste poging het verval het
hoofd te bieden door het ontwikkelen van de Combinoor, een in
buisprofiel gevat schaatsijzer met houten voetstapel. Maar, hoewel door
velen bejubeld als de beste toerschaats ooit, het mocht niet baten.
Hoewel er in
1960 nog 75.000 paar houten en 45.000 paar metalen schaatsen over de
toonbank gaan, valt in
1965 valt het doek en wordt de schaatsenproductie definitief beëindigd.
Navrant is, dat, zoals in de inleiding al werd aangeduid, Nooitgedagt
in hetzelfde jaar 'koninklijk' werd. De opgebouwde voorraad is echter
immens en is pas rond
1975 uitverkocht.
In 1975 werd ook de productie van houten speelgoed beëindigd.
Nooitgedagt ging verder als fabrikant van meetgereedschap en beitels
voor de houtbewerking. Het werd hofleverancier van het Zweedse Bahco. De
zaken gingen goed en op de top werkten er in beide vestigingen samen
circa 200 personen. In 1991 werd nog een nieuw fabriekspand geopend,
maar vrij kort daarna nam Bahco de productie in eigen hand en moest naar
nieuw werk worden gezocht. Omdat de eigenaren aan pensionering dachten
en er binnen de familiekring geen opvolgers voorhanden waren, werd het
bedrijf in de verkoop gezet. Er volgden in korte tijd drie overnames,
maar in Daarna
2003 viel het doek definitief.
De rechten op schaatsenmerk 'Nooitgedagt' werden overgedaan aan het
Almelose bedrijf Raps, onderdeel van Maple Skate. Het merk 'slaapt' en
of het ooit nog wakker zal worden gemaakt ligt in de toekomst
verscholen.
De herinnering aan het fameuze merk wordt in IJlst door de Stichting
Nooitgedacht levend gehouden in het in 2006 geopende Doe- en
kijkcentrum.
| |
 |
|
Bronnen: Van glis tot klapschaats (Blauw, 2001);
Stichting Nooitgedagt, IJlst
|







 |